Overslaan en naar de inhoud gaan

Het gebruik van Internet binnen de logopedie

Het internet is voortdurend aan het veranderen, daardoor kan het zijn dat één of meerdere links in onderstaande publicatie niet meer kloppen. Mocht je tegen een slecht werkende link aanlopen, laat het me dan weten, dan kan ik proberen de link weer goed te maken.
Voor:
Lezing Assen, 11 september 2004

Het gebruik van Internet binnen de logopedie

Lezing

Assen
11 september 2004

Inleiding

Ik ben Diane Sinke-Keijer. Mij is gevraagd deze presentatie te houden, omdat ik voor het NVLF maandblad Internetstukjes schrijf. Dit is de tweede lezing die ik geef over logopedie en computergebruik. In 2001 heb ik op de studiedag van de V-sectie een presentatie gehouden over het maken van een website voor de praktijk en de regio. Zoals jullie al in de handout hebben kunnen lezen staat een samenvatting van deze lezing op Internet. Alle Internetpagina's die ik vandaag laat zien, staan daar ook vermeld. Op http://www.logopedie-praktijk.nl/lezing.html. Zoals jullie misschien wel zien is mijn Internet adres veranderd, omdat ik sinds vorige week een domeinnaam heb vast laten leggen. Met het oude adres, dat in de handout staat, kom je ook nog op dezelfde website. Mijn e-mail adres is sinke@wirehub.nl [dit klopt niet meer, zie voet van de website voor een werkend e-mail adres]. Bij vragen en/of opmerkingen kunnen jullie mij altijd mailen. Mochten jullie tijdens deze presentatie dringende vragen hebben dan kunnen jullie deze tussendoor stellen. Aan het einde zal er ook nog gelegenheid tot vragen zijn.

Toen een aantal jaar geleden het World Wide Web algemeen gebruik begon te worden in Nederland, dat was ongeveer in 1992/1993 hadden we een homepage voor het hele gezin. Ik had daar ook wat informatie over mijn werk als logopediste opgezet. Toen bleek dat er slechts twee Nederlandstalige homepages over logopedie bestonden (van M. Stemmer in Windesheim en die van mij) heb ik ook algemene informatie over logopedie toegevoegd. Naar aanleiding van een bestuurscrisis binnen Regio 19 (regio Rotterdam) zijn er destijds veel werkgroepen in het leven geroepen om het bestuur werk uit handen te nemen. Toen is er ook een werkgroep PR ontstaan, met als doel bekendheid te geven aan logopedie binnen de regio. Aangezien ik al een homepage had, heb ik me aangemeld om een homepage voor Regio 19 te maken, zodat het doel ook via Internet bereikt kon worden.

Naar aanleiding van deze homepage ben ik gevraagd een artikel te schrijven voor de Kwaliteitskrant. En hierdoor ben ik weer gevraagd voor het schrijven van stukjes over Internet in het NVLF blad.

Ik ben alweer sinds 1991 werkzaam binnen de logopedie en heb een eigen praktijk in Rotterdam Zuid. Pas op mijn twintigste ben ik begonnen om een computer te gebruiken. Veel van het Internet- en computergebruik heb ik geleerd door het gewoon te proberen. Ook heb ik het geluk getrouwd te zijn met een software engineer die het technische gedeelte voor zijn rekening neemt. Ik heb dus mijn computervraagbaak thuis. Hij heeft mij ook geholpen met de lay-out van deze Internetpresentatie.

In deze presentatie wil ik de mogelijkheden voor het gebruik van Internet binnen de logopedie behandelen. Eerst wil ik ingaan op de voor- en nadelen van Internet, het ontstaan van Internet en hoe te zoeken op Internet. Daarna wil ik het hebben over de verschillende onderwerpen, die met logopedie te maken hebben. De onderwerpen wil ik illustreren met pages op het Internet.

Zo wil ik aan de orde laten komen:

  1. Zoekmachines
  2. Databanken (literatuur en artikelen)
  3. Indexpagina's logopedie en aanverwante indexpagina's (logopedische stoornissen)
  4. Beroepsverenigingen
  5. Zorgverzekeraars
  6. Homepages praktijken
  7. Homepages ouderverenigingen (syndromen en ziekten)
  8. Voorlichtingsmateriaal
  9. Onderzoeksmateriaal
  10. Behandelmateriaal
  11. E-mail en mailinglists

Voordelen en nadelen Internet

Zoals jullie misschien al uit mijn verhaal hebben opgemerkt zijn we al vroeg met het Internetgebruik begonnen en is het zeker bij mij thuis niet meer weg te denken. Voor veel zaken maken wij gebruik van het Internet. Zo is het handig voor het opzoeken van informatie, het boeken van vakanties, het bestellen en kopen van producten, het plannen van uitstapjes, enzovoort. Het voordeel van Internet is dat het laagdrempelig is, 24 uur per dag beschikbaar en als het goed is ook up-to-date. Ook zijn producten via Internet vaak goedkoper. Bij vrijwel alle uitstapjes, vakanties, grote of bijzondere aankopen maken wij gebruik van het Internet. Op een keer keek ik een avond van tevoren naar de openingstijden en de bereikbaarheid van het Spoorwegmuseum. Bij het bezoeken van de site bleek dat het museum een jaar gesloten was in verband met een verbouwing. Bij het boeken van vakanties hebben we al vaak gemerkt dat de kosten een stuk lager liggen en dat het zonder wachttijden en reistijden kan. Ook iets bijzonders opzoeken, zoals een kweker van valkparkieten, is met behulp van het Internet een stuk gemakkelijker.

Nadelen van het Internet zijn er natuurlijk ook. Het grootste nadeel is dat iedereen alles er maar op kan zetten en er soms te veel informatie is. Een ander nadeel is dat veel informatie niet up-to-date is of na korte tijd alweer verdwenen is. En natuurlijk zijn de virussen een vervelende bijkomstigheid. Deze kunnen overigens voorkomen worden door een goede virusscanner en het zorgvuldig openen van e-mails. Alweer een tijd geleden had ik in de Volkskrant gelezen dat er een TNO-keurmerk zou komen voor medische Websites. Op http://www.health.tno.nl/trust heb ik hier informatie over gevonden. Het gaat om het TNO-QMIC trustmerk, een Europese kwaliteitsstandaard voor medische websites. Het blijkt dat in Nederland nog maar vier bedrijven dit keurmerk hebben gekregen, waaronder Vivici. Verder ben ik het op mijn zoektocht nog nooit tegengekomen. Wellicht dat er in de toekomst meer pagina's dit keurmerk krijgen. Deze sites zijn in ieder geval betrouwbaar.

Eigenlijk ben ik voordat ik verder ga nieuwsgierig naar het Internet gebruik van de mensen in de zaal?

Wie heeft er wel eens wat opgezocht op Internet?

Wie gebruikt er e-mail?

Wie gebruikt het Internet wekelijks of vaker?

Het Internet

Ik wil even wat vertellen over de geschiedenis van het Internet. Meer hierover is te vinden op de site van Walt Howe en op de Internet timeline.

Ongeveer 35 jaar geleden, in 1969, zijn in Amerika de eerste computers aan elkaar gekoppeld met een netwerk. Het begin van het Internet, toen nog voornamelijk gebruikt door universiteiten en het leger. Ongeveer vijftien jaar geleden werd het ontsloten voor het grote publiek. Het werd mogelijk om in te bellen via een Internetprovider en de Hyper Text Markup Language maakte het mogelijk om met een vrij eenvoudig programma, de browser, zoals Internet Explorer over het net te surfen. Hiervoor moest men het adres van een bestand dat men wilde bekijken intypen op een of andere tekst terminal. Door de combinatie html en de browser was het plotseling mogelijk om op je scherm te klikken en zo maar een totaal ander bestand dat aan de andere kant van de wereld op een computer stond op je scherm vertoond te krijgen. Het feit dat (bijna) alle bestanden op de hele wereld plotseling via een netwerk aan elkaar gekoppeld waren werd het 'World Wide Web' genoemd, vaak afgekort met www.

Sinds de begintijd van het www is aan het basisprincipe niet veel veranderd. Nog steeds worden browsers gebruikt om te surfen over het web. Het aantal sites is waanzinnig groot geworden. Zo bestond er in 1991 nog maar 1 host (dat wil zeggen computer waar een deel van alle pagina's opstaat). In 1995 waren er al 20.000 hosts en in 2004 46.000.000. De snelheid is gelukkig drastisch opgevoerd en het aantal toepassingsmogelijkheden is bijna oneindig. Naast het surfen is het chatten nu een populaire manier om in contact met anderen te komen. In 2002 waren er 605 miljoen mensen online. In de nabije toekomst zullen telefoneren, boodschappen doen, televisie kijken, boeken lezen, cursussen volgen enzovoort allemaal via Internet, of een variant daarvan gedaan worden. Zo bestaan er al koelkasten met een Internetaansluiting.

De internetadressen (URLs)

Een adres op het Internet ziet er ongeveer als volgt uit: http://www.naam.nl/pagina.html. Het eerste deel 'http' staat voor het soort verbinding waarmee de pagina bereikt wordt. http is de meest gebruikte manier, 'https' is een beveiligde versie van http. Dit wordt bijvoorbeeld door banken gebruikt of om in te loggen op beveiligde sites. Er is een flink aantal protocollen dat gebruikt worden op het Internet.

http: Hyper Text Transfer Protocol
https: http Secure
ftp: File Transfer Protocol

Het tweede deel 'www.naam.nl' is een internet adres van een machine waarop de pagina staat. Dit adres moet je van achter naar voor lezen. 'nl' betekent dat de server in Nederland staat. '.com' is een commerciële organisatie (vaak in Amerika), '.org' is een stichting. Aan de naam kun je meestal de naam van de organisatie of het onderwerp van de site afleiden http://www.nvlf.nl, http://www.stotteren.nl.

Het laatste deel van het adres (pagina.html) is de plaats van de pagina op de server. Gewone internetpagina's hebben de extensie '.html' of '.htm' van 'HyperText Markup Language'. Deze pagina's zijn in principe goed te bekijken met een browser. Aan de naam die gebruikt is in dit laatste deel kan vaak ook al gezien worden wat de inhoud zal zijn (de pagina ledenlijst.html bevat vast en zeker ...). En als je pagina1.html gehad hebt, dan zou pagina2.html ook wel eens kunnen bestaan.

Een ander bestandsformaat dat veel gebruikt wordt op het Internet is '.pdf' (Portable Document Format). Om dit en andere formaten te bekijken is een plug-in (een hulp programma) voor de browser nodig. Een aantal van deze plug-ins wordt vaak door de browser geïnstalleerd, speciale plug-ins moeten via het Internet gedownload worden.

Hoe zoeken op Internet

Bij het opzoeken van dingen op het Internet zijn er verschillende opties.

Het zoeken met zoekmachines, het zoeken via een databank en het zoeken via indexpagina's.

Zoekmachines

Door het zoeken met zoekmachines kan er in korte tijd veel over een bepaald onderwerp gevonden worden. De zoekmachine die ik de laatste tijd veel gebruik is Google. Op het moment is dit de meest populaire zoekmachine van het Internet. In Amerika is 'to google' zelfs een nieuw werkwoord geworden voor het zoeken van informatie. Er zijn tientallen zoekmachines op het Internet (zie: http://dmoz.org/Computers/Internet/Searching).

Qua gebruik verschillen ze niet veel. Als je een zoekmachine vaker gaat gebruiken dan kan ik je aanraden de hulppagina te lezen. Daar staat namelijk beschreven hoe je doeltreffend kunt zoeken.

Als je zoekt naar een bepaald onderwerp zal je al snel honderden, zoniet duizenden pagina's vinden. Zo zoekt Google in ruim vier miljard pagina's. Gelukkig zal de zoekmachine de pagina's ordenen naar belangrijkheid, maar vaak dan is het nog onbegonnen werk. Door slimme zoektermen te gebruiken en deze te combineren lukt het om effectiever te zoeken. Let nu op ook op de adressen van de gevonden pagina's om zelf ook een snelle selectie te kunnen maken.

Het is dus belangrijk de goede trefwoorden te verzinnen. Ook helpt het om van te voren te bedenken waar je naar op zoek bent, waarom je het wilt weten en voor welk doel je het wilt gebruiken. Ook is het belangrijk de woorden goed te spellen. Ik kom vaak op mijn trefwoorden door een artikel te lezen met een stoornis of syndroom waar ik meer informatie over wil hebben. Ik kies dan meestal drie woorden en daarmee zoek ik. Ook verander ik telkens een van de woorden, bijvoorbeeld van logopedie naar logopedist van autisme naar autist, van behandeling naar behandelen. Vaak levert dat weer nieuwe vondsten op. Ook het gebruik van Engelse woorden zal meer resultaat opleveren (autism i.p.v. autisme). Bij artikelen in het NVLF blad staan onder het kopje keywords vaak verschillende trefwoorden aangegeven.

Bij het zoeken kan je nog gebruik maken van logische operatoren, bij een zoekopdracht voeg je dan woorden toe die het zoeken vergemakkelijken. Per zoekmachine verschillen echter de logische operatoren. Zo heb je bij Google alweer andere manieren.

Toch zal ik er een paar behandelen:

Zo kan je and aan een zoekopdracht toevoegen. Dan wil je dat allebei de woorden voorkomen. Bijvoorbeeld: spraakontwikkeling and taalontwikkeling. Bij Google gaat dit vanzelf zonder and toe te voegen.

Bij het toevoegen van or wil je dat een van de twee woorden voorkomen. Bijvoorbeeld logopedie or logopedist.

Bij not sluit je een woord uit. Bijvoorbeeld logopedie not boek. Bij Google moet je dan een - voor het woord zetten. Bijvoorbeeld logopedie -boek

Bij adj (adjacent) moeten de woorden direct na elkaar voorkomen. Bijvoorbeeld verworven leesstoornissen. Bij Google moet je dan de woorden tussen aanhalingstekens plaatsen "verworven leesstoornissen".

Bij het toevoegen van near moeten beide woorden dicht bij elkaar voorkomen, in dezelfde zin of paragraaf. Ook kunnen er tekens toegevoegd worden.

Bij het toevoegen van een * aan een deel van het woord worden alle woorden die met die letters beginnen opgezocht. Bijvoorbeeld bij logoped* alle termen die met logoped beginnen. Dit kan ook andersom bijvoorbeeld *gezondheidszorg. Dan worden alle woorden die eindigen met gezondheidszorg opgezocht (trunceren).

Bij Google kan je door op geavanceerd zoeken te klikken, ook in vakjes invullen wat bijvoorbeeld uitgesloten moet worden. Ook bestaat de mogelijkheid binnen een bepaalde categorie naar een onderwerp te zoeken. Bijvoorbeeld bij het intypen van mars krijg je informatie over muziek (de mars), over de planeet en over de chocolade reep. Iets van 20.000.000 hits. Door op gids te klikken komen er allemaal categorieën beschikbaar. Kies je dan voor de categorie exacte wetenschap dan komt alleen informatie over de planeet Mars.

Tijdens het zoeken op het Internet surf je snel van site naar site. Het is dan slim om een bookmark (favoriet) aan te maken, zodat je interessante informatie weer snel kan terugvinden. Achteraf is het namelijk zeer moeilijk om deze informatie weer te vinden. Later kan je de bookmarks netjes rubriceren, zodat alle informatie altijd voorhanden is. Informatie over bookmarks is te vinden onder de helpfunctie van de browser.

Vaak begin ik gewoon, zonder zoekmachines, met het invullen van een zelfverzonnen www adres en heb daar ook nog wel eens succes mee. Bijvoorbeeld http://www.blijdorp.nl.

Het gaat ook wel eens verkeerd omdat een adres in gebruik is genomen door een andere instantie. Zo krijg je bij http://www.pabo.nl een site van een erotiekcatalogus in plaats van de Pedagogische Academie. Deze is trouwens te vinden op http://www.pabo.pagina.nl. Hier zal ik later, bij behandelmateriaal, nog op terugkomen

Dat je niet altijd vindt wat je zoekt bij het intypen van zoektermen kan ik laten zien aan de hand van dit voorbeeld. Bij het intypen van raar kapsel wat verwachten jullie dan? Ik zal laten zien wat er als eerste hit komt. Dit is het gevolg van een weblogactie van Walnoot.com. In Amerika hadden Amerikaanse webloggers er voor gezorgd dat bij het intypen van 'miserable failure' George W. Bush naar voren kwam. Bij het rangschikken van zoekresultaten kijkt Google onder meer naar links vanaf andere sites. Een actie om Google te 'misleiden' door massaal een bepaalde term aan een bepaalde pagina te verbinden wordt een 'Google bomb' genoemd.

Databanken

Als je wat specifieker wil zoeken met behulp van het Internet kan dit via Databanken. Een bekende in Nederland is de databank van het NPI (Nederlands Paramedisch Instituut). Hierbij kunnen de logische operatoren, zoals eerder genoemd, bijvoorbeeld goed gebruikt worden. Jammer genoeg is door bezuinigingen de vakreferent logopedie Hilde Bosschers pas geleden ontslagen. Hierdoor is het niet meer mogelijk om telefonisch informatie in te winnen over literatuur, enzovoort. Ook worden nog slechts enkele tijdschriftartikelen ingevoerd. Wel kan de logopedist nog online een protocol of meetinstrument aanmelden via http://www.paramedisch.org. Het up-to-date houden gebeurt nu dus minder en is afhankelijk van inbreng van buitenaf.

Ik denk dat het NPI een goed startpunt is om gebruik te maken van de verschillende databanken. Als je naar http://www.paramedisch.org/npi gaat vind je de doc online databanken. Deze zijn weer onderverdeeld in literatuurreferenties, protocollen, standaarden en richtlijnen, meetinstrumenten en lopende onderzoek. Hier kan je gericht zoeken en vaak krijg je informatie over een artikel of een samenvatting. Deze kan je dan weer opvragen.

Een handige service van het NPI is de gratis NPI-mail/nieuwsbrief. Hierdoor word je op de hoogte gehouden van het (para)medisch nieuws, nieuwe links en bijdragen op paramedisch terrein (samenvatting artikelen/krantenberichten, cursusnieuws nieuws over projecten). Vaak is het artikel via Internet dan ook weer te lezen. Bijvoorbeeld, bij Trouw (http://www.trouw.nl) bestaat de mogelijkheid als niet abonnee toch een aantal krantenartikelen op te zoeken en te lezen. Hiervoor moet je je vaak de eerste keer wel aanmelden. Dit gaat door middel van een wachtwoord. Ik maakte de fout, dat ik niet door had dat je dan eerst een e-mail van Trouw ontvangt, met het wachtwoord. Ik dacht dat het niet werkte en had er toen geen zin meer in. Bij het checken van mijn e-mail bleek dat er nog een ander wachtwoord nodig was. Toen werkte het dus perfect. Dit is af en toe ook echt een nadeel van Internet. Je moet het allemaal maar uitzoeken en niet alles werkt hetzelfde. Ik heb thuis dan nog het probleem dat wij geen gebruik maken van de standaardprogramma's Windows en Internet Explorer, maar van Linux en Mozilla. Veel is echter geschreven en ook alleen maar bruikbaar voor software van Microsoft. Zoals de Internetrekening van de Postbank of zelfs het declareren van rekeningen via Internet bij de zorgverzekeraar het Zilveren Kruis.

De aanmelding gaat eenvoudig door op de homepage van het NPI NPI-mail/nieuwsbrief aan te klikken. Er verschijnt dan een formulier op het scherm, na deze ingevuld te hebben moet er op aanmelden geklikt worden. Dan wordt de nieuwsbrief wekelijks verstuurd.

Bij het NPI is ook de mogelijkheid overige databanken aan te klikken. Zo zijn er verwijzingen naar Engelstalige databanken, zoals Medline (http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed) of Cochrane Library (http://www.cochrane.org/cochrane/revabstr/mainindex.htm) en Duitstalige, zoals Rehadat (http://www.rehadat.de).

Ook bestaat de Nederlandse Onderzoek Databank (NOD). Dit is een openbare online databank met informatie over wetenschappelijk onderzoek, onderzoekers en onderzoekinstituten. Bij het NOD bestaat de mogelijkheid een abonnement te nemen op een attenderingsfunctie over een bepaald onderwerp aan de hand van zoekcriteria. Door middel van e-mail wordt je dan geattendeerd op nieuw onderzoeksinformatie. (http://www.niwi.knaw.nl/nl/oi/toon)

Indexpagina's

Indexpagina's zijn pagina's waarbij de links naar andere pagina's gegroepeerd zijn. Algemene indexpagina's zijn http://www.startkabel.nl, http://www.start.pagina.nl, http://www.yahoo.com en http://dmoz.org. Deze laatste wordt door vrijwilligers over de hele wereld onderhouden, waarbij iedere vrijwilliger zich ontfermt over een klein deel van de index. Op deze algemene pagina's zijn al veel logopedie gerelateerde links te vinden.

Zo zijn er: http://www.logopedie.pagina.nl, http://www.logopediestart.nl, http://www.logopedie-online.nl en http://www.logopedie.startkabel.nl. Op deze sites staat weer een index met allerlei verschillende onderwerpen die met logopedie te maken hebben. Naast indexpagina's met de naam logopedie bestaan nog veel andere. Zo heb ik een keer drie indexpagina's van dyslexie gevonden, waaronder http://www.dyslexie.pagina.nl. Ook bestaan er pagina's van geluid, gehoor, beroerte, taal, stotteren, enzovoort. Deze kunnen opgezocht worden op alfabetische volgorde in de verschillende algemene indexpagina's.

Beroepsverenigingen

De belangrijkste beroepsvereniging is natuurlijk de NVLF die ook een site heeft. Ik neem aan dat iedereen deze wel eens bekeken heeft. (http://www.nvlf.nl). Ook is er de pagina van het CPLOL (Comité Permanent de Liaision des Orthophonistes/Logopèdes de l'union Européenne) met leuke links naar andere beroepsverenigingen over de hele wereld. Er staat zelfs een link naar de Speech-Language and Hearing association in Singapore. (http://www.cplol.org).

Hieronder volgt nog een overzicht van een aantal buitenlandse beroepsverenigingen. Zo is er de Amerikaanse vereniging American Speech-Language-Hearing Association (http://www.asha.org/default.htm), de Duitse vereniging, Deutscher Bundesverband für Logopädie (DBL, http://www.dbl-ev.de/redaktion/main.cgi), de Vlaamse Vereniging voor Logopedie (VVL, http://www.vvl.be) en de Engelse vereniging, Royal College of Speech and Language Therapists (http://www.rcslt.org). Het handige van de buitenlandse sites is dat je weer precies weet welke zoektermen je voor logopedische stoornissen in een andere taal moet gebruiken.

Ook sites van andere beroepsverenigingen kunnen interessant zijn. Te denken valt aan de site van de KNO-artsen (http://www.kno.nl) met een uitgebreide lijst met interessante links. De Nederlandse Vereniging voor Neurologie (NVN) (http://www.neurologie.nl/index.asp?s=3277) met links en voorlichting. Ook bestaat er een site van huisartsen (http://www.huisartsen.nl) waar adressen van huisartsen op te zoeken zijn en waar een link is naar een medisch handboek, het Merck Manual Medisch handboek (http://www.merckmanual.nl). Hier kan allerlei informatie in opgezocht worden. Zo zijn er plaatjes van en uitleg over stembandpoliepen te vinden.

Zorgverzekeraars

Tegenwoordig bestaat de mogelijkheid via Internet te declareren. Ik denk dat iedereen wel op de declaratieformulieren gezien heeft dat tegenwoordig de mogelijkheid bestaat ook via http://www.vecozo.nl te declareren. Vecozo staat voor Veilige Communicatie in de Zorg en de meeste Nederlandse zorgverzekeraars zijn daar aangesloten. Iemand uit mijn kwaliteitskring is hier zeer over te spreken. Zij vertelde mij dat het bij Raam binnenkort mogelijk is rechtstreeks bij Vecozo te declareren.

Ook hebben zorgverzekeraars een service waarbij je gegevens van verzekerden op kan vragen. Zo heeft Achmea de website http://www.lifeline.nl.

Tegenwoordig krijg je zo veel te maken met verschillende ziekenfondsen. Dan is het ook handig om informatie over een bepaald ziekenfonds op Internet te zoeken. Een e-mail sturen werkt vaak beter, dan een half uur aan de lijn hangen om daarna bijvoorbeeld te vernemen dat de computer niet meer werkt en het niet mogelijk is gegevens in te zien. Zo heb je bijvoorbeeld http://www.cz.nl of http://www.dsw.nl.

Homepages en adressen praktijken

Op Internet zijn steeds vaker pages van logopedische praktijken te vinden. Via deze sites kan je meer informatie geven over de werkzaamheden, specialisaties en openingstijden dan met een vermelding in een Gouden Gids of een gemeentegids.

Veel mensen kijken tegenwoordig ook op Internet voor adressen van logopedisten. Zelf heb ik een homepage voor mijn praktijk. Deze heb ik aangemeld bij een aantal indexpagina's. (http://www.logopedie.pagina.nl)

Voor Regio 19 hebben we als extra service bij het adressenbestand van de logopedisten in Rotterdam de mogelijkheid gemaakt de praktijken op te zoeken op een plattegrond met behulp van Lokatienet.

Ook zijn er mogelijkheden om je adres tegen betaling op Internet te plaatsen. Ik heb dit nooit gedaan, omdat ik gemerkt heb dat ik met mijn vermeldingen op Internet al genoeg cliënten krijg.

Homepages ouderverenigingen en patiëntenverenigingen

Ook dit soort sites kunnen handig zijn. Veel ouders vinden het prettig er op gewezen te worden. Vaak bestaat er via deze sites ook de mogelijkheid om te chatten. Ik heb lange tijd een autistisch jongetje in behandeling gehad. Pas geleden kwam ik zijn moeder tegen en zij verzuchtte had ik maar eerder Internet gehad, want het lucht wel op om met andere ouders over de verschillende problemen te praten.

Ook om over een syndroom vlot goede informatie te vinden kan het Internet handig zijn. Een handige pagina om mee te beginnen is die van ouders online (http://www.ouders.nl/default.htm). Hier is veel algemene informatie te vinden en links naar bruikbare pagina's.

Via deze site kwam ik bijvoorbeeld op Chromosome Help Station met veel informatie en links over chromosoomafwijkingen. Zo is er bijvoorbeeld op http://www.chromosomehelpstation.com/koepels.htm een overzicht van overkoepelende organisaties en andere netwerken te vinden. Ook is er een link naar startpagina's voor erfelijkheid en patiëntenverenigingen.

Op de homepage over erfelijkheid zijn naast informatie over erfelijkheid in het algemeen, ook beschrijvingen van honderden erfelijke ziekten en aandoeningen te vinden. Verder bestaat de mogelijkheid literatuur over erfelijkheid te zoeken. (http://www.erfocentrum.nl)

Een andere bruikbare pagina van de Nederlandse Patiënten Consumenten Federatie (NPCF) geeft een overzicht van patiëntenorganisaties op alfabetische volgorde (http://www.npcf.nl/patientenorg/gids)

Verder blijkt er in Nederland een Federatie van Ouderverenigingen (FvO) (http://www.fvo.nl) te zijn die samenwerkt met de Vereniging Samenwerkende Ouder- en Patiëntenorganisaties betrokken bij erfelijke en/of aangeboren aandoeningen (VSOP). De Vereniging van motorisch gehandicapten en hun ouders (BOSK) is te vinden onder http://www.bosk.nl.

De Afasie Vereniging Nederland is te vinden op http://www.afasie.nl. Onder links is ook weer veel informatie te vinden over verenigingen en belangenorganisaties,

Ook bestaat de Nederlandse CVA-vereniging Samen Verder met een startpagina te vinden onder http://www.cva-samenverder.nl/4a-leden.html. Hier is ook weer een overzicht te vinden van organisaties die werkzaam zijn op het gebied van niet -aangeboren hersenletsel (NAH) zoals de Hartstichting, hersenstichting enzovoort.

De ADCA-vereniging Nederland is een landelijk werkzame patiëntenvereniging voor mensen met een cerebellaire atrofie/ataxie (http://www.ataxie.nl/organisaties/adca-vereniging-nederland/index.html).

De Nederlandse Stottervereniging Demosthenes is te vinden op http://www.demosthenes.nl.

De Stichting Down Syndroom (SDS) is te vinden onder http://www.downsyndroom.nl.

De Nederlandse vereniging voor autisme is te vinden op http://www.autisme-nva.nl/menu.htm.

De Nederlandse Vereniging voor Slechthorenden heeft een website met informatie over allerlei zaken die met slechthorendheid te maken hebben (http://www.nvvs.nl). Ook staat op de page van de NVVS informatie over FOSS, een Nederlandse federatie van ouders van slechthorende kinderen en van kinderen met spraak-taalmoeilijkheden.

De patiëntenvereniging van stembandlozen (NSvG) is te vinden onder http://www.kankerpatient.nl/nsvg.

Je merkt hoeveel Nederlandse organisaties zich alleen al bezighouden met de verschillende problematiek. Ouders vinden het vaak prettig alles in het Nederlands te lezen. Als je op zoek gaat naar Engelstalige sites zal het aanbod nog groter zijn. Deze opsomming is verre van volledig.

Voorlichtingsmateriaal

Op het Internet staan op de pages van ouderverenigingen, beroepsverenigingen, patiëntenverenigingen, ziekenhuizen enzovoort veel informatie en voorlichtingsmateriaal. Steeds vaker bestaat er naast de mogelijkheid om folders te bestellen ook de mogelijkheid om folders gratis te downloaden. Vaak zijn het de oorspronkelijke folders, die ook op het Internet gezet zijn.

De Vereniging van motorische gehandicapten en hun ouders (BOSK) (http://www.bosk.nl/templates/dispatcher.asp?page_id=4644) heeft op hun website een pagina met allerlei te downloaden brochures en folders. Zo is er een folder over mijn kind heeft een schisis of mijn kind heeft een spraak/taalstoornis.

Het schisisteam van het VU medisch centrum te Amsterdam (http://www.VUmc.nl/schisis) heeft een interessante site over schisis. Er wordt veel informatie over schisis gegeven, zoals wat voor gevolgen dat heeft voor het kind en de ouders en ook staan er ervaringen van kinderen op. Een brochure over schisis is via een pdf bestand te downloaden. (http://www.azvu.nl/communicatie/folders/folders/kindergeneeskunde/schisis.pdf)

Op de sitemap van het Koningin Wilhelmina Fonds (KWF) (http://www.kwfkankerbestrijding.nl/sitemap.jsp) voor de Nederlandse Kankerbestrijding is veel informatie over kanker te vinden. Ook hier bestaat weer de mogelijkheid brochures in een pdf bestand te downloaden. Zo is er een brochure over strottenhoofdkanker en over hersentumoren (http://www.kwfkankerbestrijding.nl/content/documents/HersentumorenG.pdf en

http://www.kwfkankerbestrijding.nl/content/documents/Strottenhoofdkanker.pdf)

Onderzoeksmateriaal

Op het Internet is de Screeningslijst voor stotteren op meerdere plaatsen te vinden, waaronder op de pagina http://www.stotteren.nl. Ook bestaat er de mogelijkheid thuis of in de praktijk online een gehoortest voor kinderen te doen (http://www.kinderhoortest.nl). Deze kinderhoortest is ontwikkeld door het Audiologisch Centrum van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUCM) en is bedoeld voor basisschoolleerlingen. Bij het afnemen van de test kan gebruik gemaakt worden van een koptelefoon of luidsprekers. Er zijn negen afbeeldingen zichtbaar. Eerst kan er geoefend worden. Daarna begint de test. Met korte tussenpozen wordt een afbeelding benoemd met geruis op de achtergrond. Het kind moet op de afbeelding klikken die het gehoord heeft of meende gehoord te hebben. Dit gebeurt 25 keer. De test kan zowel voor het linker- als het rechteroor gedaan worden. Aan het eind van de test komt de uitslag met drie verschillende mogelijkheden. Het gehoor is goed. Het gehoor is onvoldoende en het advies wordt gegeven het verder te laten testen. Of het is nog onduidelijk of het gehoor wel of niet goed is. Dan wordt geadviseerd deze test opnieuw te doen. Een jongetje uit mijn praktijk kreeg naar aanleiding van deze hoortest het advies zijn oren te laten onderzoeken en bij het Audiologisch Centrum kwam inderdaad naar voren dat hij een verminderd gehoor had. Informatie over deze kinderhoortest is te vinden op de site van de Hoorstichting (http://www.hoorstichting.nl). Ook kan hier een folder gedownload worden (http://www.hoorstichting.nl/folders/26.pdf)

Na de test is er de mogelijkheid met een link naar de site van de Federatie van Nederlandse Audiologische Centra (FENAC) te gaan. (http://www.fenac.nl). Hier wordt uitgelegd wat een Audiologisch centrum is en waar deze te vinden is. Ook zijn brochures, folders en audio-cd's op te vragen. Er zijn enkele brochures in het Turks, Engels of Arabisch. Naast deze kinderhoortest is ook een andere gehoortest te vinden onder http://www.oorcheck.nl.

Behandelmateriaal

De verschillende uitgevers van logopedisch materiaal hebben pages op het Internet. Zo is er de homepage te vinden van Swets en Zeitlinger Publishers (http://www.uitgeverij.swets.nl). Ook is er de site van Baert (http://www.baert.com/produkten.htm). Verder zijn er http://www.kompagne.nl, http://www.malmberg.nl, http://www.uitgeverijpereboom.nl, http://www.dyslexieshop.nl, http://www.graviant.nl met allemaal informatie over hun producten.

Ook hebben de verschillende patiëntenorganisaties vaak informatie over producten en bestaat de mogelijkheid deze te bestellen. Zoals over KOMPRO 2000 bij de afasie vereniging.

Binnen de behandeling is een logopedist vaak op zoek naar aansprekende afbeeldingen voor de articulatietraining of de taalstimulering. In documenten en op homepages worden vaak dergelijke plaatjes gebruikt. Deze plaatjes worden 'clip art' genoemd. Op Internet zijn veel clip arts te vinden. Op vrijwel alle homepages op het Internet staan plaatjes. Deze plaatjes kunnen op de harddisk worden opgeslagen door met de rechter muisknop op het plaatje te drukken. Kies uit het menu dat dan verschijnt de optie "save image as...". Bij Google bestaat ook de mogelijkheid om naar plaatjes te zoeken door op afbeeldingen te klikken. Een nadeel van de gevonden plaatjes is dat de ze soms een erg afwijkende stijl hebben. Ook is het vaak moeilijk om goede plaatjes te vinden en zijn deze plaatjes moeilijk te vergroten.

Er zijn ook bedrijven die hele collecties clip arts aanbieden (waarvan sommige gratis). Deze clip arts zijn meestal geschikt om opgenomen te worden in een document (wel van tevoren controleren!) Veel plaatjes zijn in kleur. Deze geven op een kleurenprinter een mooi resultaat. Op http://dmoz.org/Computers/Graphics/Clip_Art staan verwijzingen naar een flink aantal collecties met clip arts.

Speciaal voor het tweede taal onderwijs is er een collectie met zeer eenvoudige maar treffende plaatjes op http://www.sla.purdue.edu/fll/JapanProj/FLClipart. Naast werkwoorden en zelfstandige naamwoorden zijn hier ook bijvoeglijke naamwoorden te vinden, die moeilijk in plaatjes zijn uit te beelden, zie bijvoorbeeld de twee verschillende plaatjes van 'druk'.

Ook zijn er veel kleurplaten te vinden. Een zeer bruikbare en leuke pagina is http://www.kleurplaten.nl. Op deze pagina zijn veel kleurplaten geordend op thema's te vinden.De thema's zijn weer onderverdeeld in verschillende categorieën. Zo is er een thema feest, met als categorieën verjaardag, carnaval, enzovoort. Verder zijn er zeven voorleesverhaaltjes met bijpassende kleurplaten. Onder het kopje puzzeltjes zijn puzzeltjes te vinden zoals 'zoek de verschillen' en legpuzzels die geprint en geknipt kunnen worden. Onder het kopje bouwplaten is een aantal themamemorie's te vinden, zoals voertuigen en Sinterklaas.

Ook is er de pagina kleurplaat.pagina.nl. Hier zijn veel links naar sites met kleurplaten te vinden onderverdeeld in diverse thema's, zoals piraten, dieren, feestdagen.

Ook zijn er veel kinderpagina's waarbij de mogelijkheid bestaat spelletjes te downloaden of online te spelen. Een nadeel van computergebruik bij kinderen vind ik dat het aanzet tot minder praten en minder communicatie. Vaak gaan ze helemaal op in de computer. Ook is het een nadeel dat het soms lang duurt om sommige spelletjes op te starten.Toch zijn er leuke en informatieve sites en spelletjes die ik wel eens gebruik. Dit voor het verbeteren van het taalbegrip, het taal - denken, het uitbreiden van de woordenschat, de concentratie en luisterhouding enzovoort. Een voordeel is namelijk dat een kind gemotiveerder is. Daarom neem ik bijvoorbeeld het onderdeel passieve woordenschat van de Taaltoets Alle Kinderen vaak met de cd rom af. Ik geef nu zelfs al huiswerk mee in de vorm van een Internetadres. Bijvoorbeeld met de opdracht om een memory over een bepaald thema thuis te spelen.

Een grappige site vond ik de site met 109 tongbrekers, zoals de koetsier poetst de postkoets. (http://www.uebersetzung.at/twister/nl.htm).

Op http://www.speelzolder.com zijn liedjes, kleurplaten, knutseltips, verhalen en spelletjes te vinden. Onder het kopje spelletjes is een moeilijke geluidenmemorie te vinden, waarbij geluiden zonder betekenis bij elkaar gezocht moeten worden.

Veel pagina's die voor het onderwijs bedoeld zijn, zijn ook bruikbaar voor logopedisten. Voor het onderwijs bestaat de Stichting Kennisnet (http://www.kennisnet.nl). Stichting Kennisnet is een internetorganisatie van en voor het Nederlandse onderwijs en stelt zich ten doel om de mogelijkheden van ICT voor het onderwijs maximaal te benutten. Kennisnet faciliteert en stimuleert het online leren. Voor logopedisten die op scholen werken en aangesloten zijn op het schoolnetwerk, is dit heel leuk om te gebruiken. Het is mogelijk om gedeelten van het Kennisnet te bekijken, maar met een aansluiting op school is het veel uitgebreider. Zo zijn er themasites en verwijzingen naar spelletjes. Als een spelletje niet op Kennisnet zit, komt er een waarschuwing, dat je het kennisnet verlaat. Zolang je op het Kennisnet blijft zijn de sites dus betrouwbaar. Er zijn spelletjes te vinden zoals het herkennen van dierengeluiden, het aanklikken van lichaamsdelen, memoryspelletjes, enzovoort.

Ook staan er op http://www.docentenplein.nl veel leuke ideeën. Zo is er de mogelijkheid onder http://www.kennisnet.nl/po/leerkracht/vakken/muziek/kinderliedjes/index.html kinderliedjes te horen en het bladmuziek en de tekst te lezen.

Ook op de eerder genoemde pagina voor de Pabo, (http://www.pabo.pagina.nl) zijn lessuggesties te vinden en zeker materiaalideeën die voor logopedisten ook bruikbaar zijn. Zo heeft Juf Sanne de mogelijkheid werkbladen te downloaden. (http://www.jufsanne.com/overzichtpagina.htm). Zo zijn er logische reeksen te vinden en wordt er veel in thema's gewerkt.

E-mail en mailinglists

E-mail is ook niet meer weg te denken in het dagelijkse leven. Zowel privé als zakelijk verstuur ik en ontvang ik veel e-mailtjes. Zelfs mijn kinderen hebben nu via de vakantie een Belgisch e-mailvriendje. Vaak vervangt het de post. Veel verslagen naar scholen, Audiologische centra enzovoort verstuur ik per e-mail. De communicatie tussen de verschillende leden van de kwaliteitskring gaat via e-mail. Notulen worden zo verstuurd en afspraken gemaakt.

Een nadeel van e-mail zijn de virussen. Open daarom nooit een e-mail waarvan je de inhoud niet vertrouwt en houd je virusscanner up-to-date. Een ander nadeel is dat je nooit weet, wanneer je e-mail gelezen wordt.

Op Internet zijn veel mailinglists te vinden. Een computer houdt een lijst bij van alle personen die zich voor de mailinglist opgegeven hebben. Als een e-mail naar deze computer gestuurd wordt, krijgt iedereen automatisch een kopie. Op deze manier is het eenvoudig om een bericht te sturen aan allerlei geïnteresseerden. Reacties worden ook automatisch naar alle deelnemers gestuurd. Omdat iedereen de berichten op de mailinglist kan volgen en eventueel zijn eigen mening kan geven ontstaan vaak boeiende discussies.

Deelname aan een mailinglist is meestal gratis en vrijblijvend. In- en uitschrijven gebeurt door een e-mail te sturen naar de mailinglist of via een invulformulier op het Internet. Er bestaan een aantal Nederlandse mailinglists over specifiek logopedische onderwerpen, zoals: slikstoornissen (dysfagie@topica.com) (http://www.topica.com/lists/dysfagie), afasie (afasie@topica.com) (http://www.topica.com/lists/afasie), stem (stemstoornissen@igc.topica.com) (http://www.topica.com/lists/stemstoornissen@icg.topica.com. De mailinglists zijn op de dysfagie list na, jammer genoeg niet zo actief.

Een ander voorbeeld van een mailinglist is die van de Nederlandse Stottervereniging Demosthenes. Je moet dan naar hun Internetsite gaan (http://www.demosthenes.nl) en op mailinglist klikken. Er komt dan een pagina met informatie over de mailinglist. Hier lees je precies hoe je je moet aanmelden en ook hoe je je weer moet afmelden. Aanmelden gaat in dit geval door een mail te sturen naar majordomo@demosthenes.nl met de tekst: subscribe mailinglist. Wil je geen mail meer ontvangen dan moet je een e-mail sturen met de inhoud unsubscribe mailinglist. Om zelf berichten te plaatsen stuur je een mailtje naar mailinglist@demosthenes.nl.

Ook is de nieuwsbrief van het Nederlands Paramedisch Instituut een voorbeeld van een mailinglist. Hier is echter alleen sprake van eenrichtingsverkeer. Je wordt door middel van een mailinglist op de hoogte gehouden van het laatste nieuws. Ook heeft de Nederlandse Vereniging voor Slechthorenden (NVVS) een e-mail nieuwsbrief met nieuwe en veranderde zaken op de homepage (http://www.nvvs.nl/index.html). Als laatste wil ik nog de mailinglist van NFS (Nederlandse Federatie Stotteren) vermelden. Deze is te vinden onder http://www.stotteren.nl.

Dit was mijn presentatie. Ik hoop dat het allemaal duidelijk was en dat jullie enthousiast geworden zijn het Internet te gebruiken voor de logopedische behandeling.

Zijn er nog vragen of andere onduidelijkheden?

Publicatiedatum
11 september 2004